PERSOONSBESCHRIJVINGEN
van de adel-stam



Ve Joannes van BOMMEL
gedoopt, 02-02-1691, Tilburg, overleden, 17-03-1759, Leiden.
Koopman en fabrikeur van laken. Gehuwd met Elisabeth van ANRAE.

Joannes is een buiten echtelijk kind door Michiel van Bommel (beschreven onder "de eerste vier generaties") als zoon beschouwd.
Joannes woont op de Heeregragt in Leiden.
Hij is van 1739 tot 1756 armbezorger in Leiden.
Hij is samen met zijn vrouw Elisabeth van Anrae bijgezet in het graf "Ommegang van 't Choor nr. 125" in de Hooglandse kerk.


VIIe Jhr. Gerardus Andreas Martinus van BOMMEL
gedoopt, 02-04-1770, Leiden, overleden, 08-08-1832, Leiden.
Kamerheer van Koning Lodewijk Napoleon in 1807; burgemeester van Leiden 1816 1817, 1818 1825; lid Tweede Kamer der Staten Generaal 1815 1817, 1819 1828.
Gehuwd (1) met Cornelia Maria van der KUN. Gehuwd (2) met Ludovica Maria van RIJCKEVORSEL. Gehuwd (3) met Maria Petronella van der KUN

De eerste vrouw van Gerardus is een dochter van het echtpaar Cornelis van der Kun - Maria Petronella Boes. De derde vrouw van Gerardus is een kleindochter van hetzelfde echtpaar.

21 Augustus 1815 "is Mr. Gerardus Andreas Martinus van Bommel, lid der Staten Generaal en burgemeester van Leiden zoomede zijne wettige bestaande en toekomende kinderen, door Willem I Koning der Nederlanden enz. enz. enz. om erkende verdienste aan den Nederlandschen Staat bewezen, in den adelstand der Nederlanden verheven met het praedicaat van Jonkheer". Zijn afstammelingen zijn in 1933 uitgestorven.

In 1805 koopt Gerardus Andreas Martinus, wonende te Leiden, een kapitaal huis met koetshuis en stalling in den Bosch voor fl 12500,= (In 1788 verbouwd tot één huis uit drie huizen aan de Hinthamerstraat: "de Kroon", "den Osch" en "het Vergulde Varken"). Het komt later in handen van Jhr. Mr. Paulus Emmanuel de la Court, de echtgenoot van zijn zuster Maria Johanna Theresia van Bommel (uit: Voorname huizen en gebouwen 's Hertogenbosch, 1910). Hij woont in 1812 in de Bredestraat 1 in Leiden en in 1833 aan den Ouden Singel wijk 6, nummer 340.

Het Aardrijkskundig Woordenboek (v.d. Aa) geeft onder Leiden en Breda enige informatie over de Franse bezetting (Napoleon) die ook Gerardus betreft: "Napoleon deed niets voor de nijverheid van Noord Nederland en, den zeehandel onderdrukkende, berokkende hij een oneindig nadeel aan de verzending uit fabrieken. Men haakte slechts met ongeduld naar het tijdstip van beslissing, om den opstand (tegen de Fransen) te voltooijen. De maire van Leiden had het van zijne pligt geoordeeld, eenige mannen tot zich te roepen, die, om hunne kunde en braafheid allerwege geacht, hem met raad en daad, zouden ondersteunen. De Heeren Mr. Johan Gael, Jonkheer Antonij Gustaaf, Baron van Boetzelaer, Mr. Gerard Andreas Martinus van Bommel en Mr. Willem Pieter Kluit waren dadelijk gereed, hunne gewigtige diensten daartoe te lenen." 10 December 1813 vindt de aftocht van de Fransen uit Breda plaats op dreiging van de juist gearriveerde Russische Kozakken. "Reeds op den 18 daaraanvolgende, werd de stad Breda in naam van den Souvereinen Vorst van Nederland, door Commissarisen Generaal, Mr. Willem Boudewijn Donker Curtis en Mr. Gerardus Andreas Martinus van Bommel, plegtig in bezit genomen."

G.A.M. van Bommel heeft een "wolkantoor". Cornelis Richard Anton van Bommel (de latere bisschop) bezit 40% aandelen. In 1826 dreigt een faillisement waaronder de verhouding tussen Gerard en bisschop Cornelis lijdt. Zo schrijft Cornelis in 1826 aan zijn neef van Berckel: "Het valt hard, na de menigvuldige blijken van belangeloosheid die ik in ruime maate aan den Hr, GAM van B gegeven heb voor desselfe ramp, en welk nu zo bekend geworden zijn mij welligt niet zonder grond den blaam der familie op den hals gehaald".


VIIf Jacobus Cornelis Balthazar van BOMMEL
gedoopt, 26-01-1774, den Bosch, overleden, 14-03-1806, 12-06-1673.
Mede eigenaar en administrateur witglasfabriek in den Bosch; lid raad van den Bosch van 1803 1806. Gehuwd met Rufina Jacoba Maria HALFWASSENAAR VAN ONSENOORT.

Jacobus is een broer van de hiervoor beschreven Jhr. Gerardus van Bommel.

In 1789 werd in den Bosch aan de Orthenstraat het thans nog bestaande kapitale heerenhuis met poort (no. 36) gebouwd. In 1800 wordt dit huis gekocht door: Augustien Tilmanus van Rijckevorsel, Thomas Cornelis van Rijckevorsel, Bernard Jacob Halfwassenaar van Onsenoort, Eugenius de Massen en Jacobus Cornelis van Bommel. Het wordt ingericht tot eene factorij van koloniale waren. Later wordt het een bankiershuis en thans is het verhuurd aan particulieren door de huidige eigenaars van Rijckevorsel. (uit: De voorname Huizen en Gebouwen 's Hertogenbosch, 1910).

Met een handgeschreven briefje geeft echtgenote Rufina Halfwassenaar van Onsenoort, bericht van het overlijden van Jacobus:

Het behaagde den Almachtigen God mijne waarde en tedergeliefde echtgenoot, den Heer Jacobus Cornelis van Bommel, in leven lid van den Raad der Gemeente in deze Stad, den 14 dezer, op het onverwagtst, in den Ouderdom van 32 jaren en 2 maanden, aan de gevolgen van eene vogtverplaatsing van het Roodvonk, tot Zich te nemen. Door dit verlies wordt de droefheid vernieuwd welk ik voor maar 11 dagen gevoelde wegens het afsterven van mijn oudste zoontje, Rudolph, mede van dezelfde Ziekte, in den jeugdigen Ouderdom van 5 jaren en 6 maanden overleden.
R. van Bommel Geb. Wassenaar v. Onsenoort
's Bosch 16 Maart 1806.
ga naar andere foto's


VIIId Jkvr. Paulina Maria Antonia van BOMMEL
gedoopt, 14-07-1793, Leiden, overleden, 28-10-1859, Antwerpen
Gehuwd met Jean Daniel PEYROT.

Paulina is een dochter van de eerder beschreven Jhr. Gerardus Andreas Martinus van BOMMEL en van Cornelia Maria van der KUN.
Haar echtgenoot Jean Peyrot, wijnhandelaar, is geboren in St. Jean (tegenwoordig San Giovanni) in Noord Italië.
De familie Peyrot-van Bommel heeft in 1816 als ze net getrouwd zijn zes dienstboden (4 vrouwelijk en 2 mannelijk).

Paulina van Bommel en Jean Daniel moeders zijn zusters. Zijzelf zijn dus volle neef en nicht.  Via weer een andere zuster van hun moeders zijn ze ook volle nicht resp. neef van Mgr. Cornelis van Bommel de bisschop van Luik. (Via de van Bommel lijn is de bisschop ook maar verder weg aan Paulina verwant). Het echtpaar heeft een nauw contact met de bisschop. Hoe de relatie tussen de katholieke Nederlandse Paulina en de uit een protestantse familie stammende Italiaan Jean Daniel tot stand is gekomen is zeer interessant. De familie van der Kun die zo vaak met van Bommels trouwt speelt hier ook een belangrijke rol bij.  Ik beschrijf de heel bijzondere geschiedenis "Peyrot, van der Kun, van Bommel" op een aparte "pagina". Klik hier om die geschiedenis te lezen en portretten van Jean Daniel en Paulina te zien.

Uit een brief van Jean Daniel Peyrot aan de Heer A. Verbunt in Tilburg, gedateerd 7 september 1846 blijkt dat hij de stamboom van van Bommel uitpluist. Deze brief wordt aangehaald in een "schrift" van een latere stamboomonderzoeker. De naam van deze onderzoeker wordt niet genoemd. Het schrift dateert naar schatting van rond 1870.
De brief van Peyrot luidt als volgt:

"Wel Edele Heer
Alhoewel aan uE onbekend, ben ik zoo vrij mij bij uE te vervoegen om van Uwe goedheid eenige familieinlichtingen te bekomen.
Ik behoor langs mijn moederskant aan de familie van der Kun, wijnkopers te Rotterdam (mijn vader was een Italiaan). Mijne Vrouw is eene jufvrouw Pauline van Bommel uit Leiden. Haar vader was Lid van de 2e Kamer der Staten Generaal, afkomstig zooals uE, alsmede Zijne Doorluchtige Hoogwaardigheid Monseigneur C. van Bommel Bisschop van Luik van zekeren Jan van Bommel die te Terheyden gewoond heeft. Mij bezig houdende met genealogieke opzoekingen aangaande de familie van Bommel, en daardoor venomen hebbende dat uE van dezelve deelmaakt maar alleenlijk eenige oppervlakkige inlichtingen hieromtrent bezittende, neem ik de vrijheid uE te verzoeken mij te willen opgeven, hetgeen uE dienaangaande weet of vernemen kan.
Om uE hieromtrent op den weg te brengen, zal ik de eer hebben uE te zeggen dat Jan van Bommel uit Terheyden had twee zonen (behalve eenen derden, die jong gestorven is) als:
(A.) Michel van welken afkomstig zijn de van Bommel uit den Bosch en Amsterdam, en namelijk mijne Vrouw
(B.) Petrus welke trouwde te Dongen, Maria Klase Groenendaal, deze hebben vier kinderen gehad. (Noot van W.v.B.: Zoals we nu weten is de opsomming van de kinderen van Jan van Bommel zeer onvolledig.
(A.) Cornelis. getrouwd te Leiden met Johanna Cornelia Ruijgrok, van welke twee kinderen.
1e Antonius M.G. getrouwd met Mejufvrouw Joanna van der Kun, ouders van den bisschop van Luik.
2e Joanna getrouwd met Petrus M. van der Kun; waarvan leeft Maria eene getrouwde dochter, (Mevrouw Bloemaerts) hebbende drie getrouwde kinderen, ieder met kinderen.
(B.) Nicolaas getrouwd te Leiden met Catharina Sonnenberg. Van deze bestaat niets meer als eene kleindochter Joanna van Bommel, ongehuwd, oud 68 jaren.
(C.) Antonius Uw grootvader langs uw moederszijde; want hij trouwde te Tilburg Clara Bex en van hun werden geboren
1e Joanna die trouwde met Antonius Verbunt, Uwe ouders (noot van W.v.B.: hier maakt Peyrot waarschijnlijk de vergissing de geadresseerde zelf te noemen in plaats van zijn vader Josephus Verbunt.
2e eene dochter, getrouwd met Brouwers, Fabrikant te Tilburg.
3e eene dochter, getrouwd te Eindhoven.
4e een zoon (noot van W.v.B.: ook deze opgave van kinderen is zeer onvolledig.
(D.) Joanna getrouwd met Hubertus Horsten van Dongen: Van deze is de laatste afstammeling Adriaan Horsten te Leiden voor eenige jaren overleden.
Nu, Mijnheer, mijn bijzonder verlangen zou zijn van te mogen bekend gemaakt te worden, met al het geen aangaat den tak van Antonius van Bommel, hierbij aangetekend onder Letter C.
(noot:gedeelte weggelaten, WvB)
uE zou mij groot plaisir doen, indien uE kon zeggen, welke was de vrouw van Jan van Bommel uit Terheyden, en ook, welke was de naam der eerste vrouw van zijnen oudsten zoon Michel (de vermaardste onder de van Bommel). Hij trouwde eerst te Tilburg, alwaar hij had een aanzienlijk lakenfabriek, hetwelk hij nog vermeerderde bij zijn tweede huwelijk met een rijke Jufvrouw Sprong uit Breda, waarvan nog afstammelingen bestaan in het Limburgsche enz

uEdw Dienaar en Neef
J.D. Peyrot wijnhandelaar".


VIIIe-5 Jkvr. Paulina Maria Alouisa van BOMMEL
geboren, 23-05-1849, Leiden, overleden, 18-02-1932, Leiden.
Ongehuwd.

Paulina is een kleindochter van de eerder beschreven Jhr. Gerardus van Bommel.

In een artikel in de Nederlandse Leeuw (1942) schrijft Dhr. Bijleveld uit Leiden over de gewoonte om familieportretten met een overledene in de kist te begraven.
"Meer succes had ik hier ter stede bij de hoogbejaarde Jkvr. Pauline van Bommel. Zij bezat de beeltenissen van haren bekenden grootvader Jhr. G.A.M. van Bommel, 1770 1832, burgemeester alhier en diens 3de echtgenote C.P.M. van der Kun, (door Hodges). Mijn pleiten voor ons Stedelijk Museum met het oog ook hier, op de kunstwaarde en het ambt haars grootvaders, vond tenslotte gehoor en kort daarop berichtte ze mij zelf de herroeping van haar rampzalig voornemen tot medebegraven en het legaat aan de Lakenhal. Toen in 1932 de stukken in het Museum aankwamen, was er zelfs nog een ouder pastelportret van den burgemeester, dat boven hing en mij onbekend was gebleven, toegevoegd".

Met het overlijden in 1933 van haar 5 jaar oudere zuster Jkvr. Maria Josephina van Bommel (zuster van het H. Kruis onder de naam Soeur Cornelia) is deze adelijke tak uitgestorven.


Xk Jhr. Jan Baptist van BOMMEL
geboren, 05-01-1888, Vught, overleden, 20-02-1963, Vught
Tuinemployé suikerfabriek Sidoardjo (Java), directeur N.V. Automobiel en Garagebedrijf te den Bosch. Gehuwd met Maria Clasina Cornelia van LANSCHOT.

Jan Baptist staat enige tijd ingeschreven op de Citadelkazerne in den Bosch (het huidige provinciale archief).
Bij Koninklijk Besluit wordt hij 6 december 1905 in de Nederlandse adel verheven. Deze (tweede) geadelde van Bommel tak sterft in 1977 uit bij het overlijden van zijn dochter Jkvr. Antonie Theresia Maria van BOMMEL, gehuwd HEERE.